Marlies Veldhuijzen van Zanten-Hyllner staatssecretaris
Specialist ouderengeneeskunde wordt staatssecretaris
Verenso feliciteert specialist ouderengeneeskunde Marlies Veldhuijzen van Zanten-Hyllner met haar benoeming tot staatssecretaris op het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Marlies Veldhuijzen van Zanten is al bijna dertig jaar specialist ouderengeneeskunde en was van 1984 tot 1989 voorzitter van de NVVA (nu Verenso).
Verenso is trots op het feit, dat een specialist ouderengeneeskunde in het kabinet is benoemd. De toekomst van de ouderenzorg is in goede handen. Marlies Veldhuijzen van Zanten-Hyllner heeft haar sporen verdiend als bestuurder binnen Verenso. Verenso heeft er vertrouwen in, dat al het noodzakelijke wordt gedaan om de specialist ouderengeneeskunde de juiste plek te geven binnen de ouderenzorg.
Dit is van belang, omdat het aantal ouderen de komende twintig jaar nog verder zal toenemen. Met het toenemend aantal ouderen zal ook het aantal ouderen, dat behandeling nodig heeft van de specialist ouderengeneeskunde, toenemen.
Gelukkig zijn de meeste ouderen niet ziek. En ook ouderen met chronische aandoeningen kunnen vaak langdurig met of zonder ondersteuning van professionele hulpverleners thuis blijven wonen. Er zijn echter oudere en chronische patiënten die zo kwetsbaar zijn, te kampen hebben met meerdere aandoeningen of in een dusdanig wankel evenwicht verkeren, dat een gespecialiseerd arts nodig is. Een arts, die kennis heeft van deze problematiek en samen met de patiënt of zijn naasten kan nagaan wat er moet gebeuren, welke zorg nodig is en wat de functionele mogelijkheden zijn van de patiënt. Deze specialist ouderengeneeskunde kan de huisarts van advies dienen, kan in een vroeg stadium diagnostiek doen en kan de medisch specialist vanuit een brede visie op ouderdomsproblematiek ter zijde staan bij de behandeling in het ziekenhuis en bij ontslag van de patiënt. Deze specialist ouderengeneeskunde is in het verpleeghuis of in het verzorgingshuis de arts die waakt over de gezondheid van de patiënten, verantwoordelijk is voor de behandeling en toeziet op herstel en verzorging.
---------------
Standpunt Verenso over de rol van de specialist ouderengeneeskunde binnen de ouderenzorg
Meer dan nu het geval is, zal de specialist ouderengeneeskunde een rol krijgen bij het uitstellen of voorkomen van opname in een verpleeg- of verzorgingshuis. Binnen de eerste lijn zal de samenwerking met de huisarts geïntensiveerd worden. De bereikbaarheid en de beschikbaarheid van de specialist ouderengeneeskunde moeten daarvoor echter worden verbeterd. Dat vraagt om andere en nieuwe vormen van organisatie.
De arts moet er zijn voor alle patiënten, ongeacht de setting
De arts moet zich ontwikkelen van ‘instellingsarts’ naar ‘ouderenarts’. Dit heeft gevolgen voor het aantal patiënten dat een arts onder behandeling heeft. Daarvoor moeten de randvoorwaarden ook verbeteren, zoals meer praktijkondersteuners en verbetering van financiële randvoorwaarden. Het overhevelen van de financiering van de component ‘behandeling’ uit de AWBZ naar de ZVW maakt het mogelijk iedere patiënt te geven wat nodig is. Niet te veel en niet te weinig.
De opleiding moet duidelijker worden gepositioneerd
Medisch studenten moeten al vroeg in de opleiding kennismaken met ouderengeneeskunde. Dit kan bereikt worden door een verplicht (geïntegreerd) coschap ouderengeneeskunde in de initiële opleiding met een deel in het verpleeghuis en in het ziekenhuis. Met name de complexe problematiek bij ouderengeneeskunde zal artsen aantrekken die willen excelleren in het vakgebied.
Criteria voor de toegang tot de (vervolg)opleiding behoeven aanscherping en meer samenhang met de huisartsenopleiding en de klinische praktijk is gewenst. Het specialisme ouderengeneeskunde vormt samen met huisartsgeneeskunde een cluster. Het zou mogelijk moeten zijn om delen van de opleiding samen te voegen. Ook moeten de mogelijkheden voor zij-instromers aantrekkelijker worden. Daarnaast moet het vak in de vervolgopleiding verder professionaliseren.
Samenwerking leidt tot een betere inzet van mensen en middelen
De specialist ouderengeneeskunde moet zijn werk kunnen doen in nauwe samenwerking met (gespecialiseerde) verpleegkundigen en doktersassistentes en oneigenlijke werkzaamheden kunnen neerleggen bij degenen die dit behoren te doen. Een betere organisatie van het werk, een duidelijke taakafbakening en samenwerking met huisartsen en klinisch geriaters zijn nodig.
Ouderengeneeskunde is de geneeskunde van de nabije toekomst. Verenso roept het nieuwe kabinet op daadkrachtig en snel aan de slag te gaan.

